|
Wonderkinderen I (Magnus, een normale jongen) De Noor Magnus Carlsen (Lommedalen, 30-11-1990) leerde schaken van zijn vader. Zijn talent werd al spoedig opgemerkt en in 2003 werd hij meester. De eerste grootmeesternorm behaalde hij in 2004 bij het Corus-toernooi in Wijk aan Zee, de tweede norm bij het Aeroflot in Moskou in hetzelfde jaar en de derde norm verwierf hij in Dubai met 6,5 uit 9. Carlsen was toen 13 jaar, 4 maanden en 26 dagen oud. Enkel Sergei Karjakin en Parimarjan Negi waren jongen toen ze de grootmeestertitel behaalden.
Sinds 1 januari van dit jaar staat Carlsen met een rating van 2810 (20 punten meer dan Vishy Anand) op de eerste plaats van de wereldranglijst. Met 19 jaar is de Noor de jongste schaker die die positie wist te bereiken. Dat hij die positie zou veroveren stond in de sterren geschreven. Carlsen verbijstert al sinds hij kan praten. Zijn geheugen is fotografisch. Op zijn vijfde kon hij alle 430 Noorse steden en plaatsjes (inclusief inwonersaantallen) opdreunen. Verder kende hij alle afleveringen van Donald Duck uit zijn hoofd en ooit deed hij een truc op de Noorse tv. Zijn vader hield hem een diagram van een willekeurige schaakstelling voor, de kleine Magnus noemde de wedstrijd waarin de stelling voorkwam en hoe het daarna verliep. Maar noem hem geen wonderkind. ‘Ik ben geen freak,’ zegt hij, ‘maar een normale jongen……’ Enkele partijenI. Magnus Carlsen - Maarten Etmans, Corus schaaktoernooi 2004 Siciliaans code B30 1. e4 c5 2. Pf3 Pc6 3. Pc3 Pd4 4. Lc4 e6 5. 0-0 d6 6. Pxd4 cd 7. Pe2 Pf6 8. d3 Db6 9. c3 dc 10. Pxc3 Ld7 11. Le3 Da5 12. d4 d5 13. ed ed 14. Lb3 h6 15. Te1 0-0-0 16. Lf4 Lc6 17. Df3 Ld6 18. Lxd6 Txd6 19. Dg3 Dc7 20. Tac1 Te6 21. Dxg7 Tg8 22. Dxh6 Pg4 23. Dh7 Tge8 24. Txe6 Txe6 25. Dg8 Zwart gaf op. II. Magnus Carlsen - Sipke Ernst, Corus schaaktoernooi 2004 Caro Kann, code B19 1. e4 c6 2. d4 d5 3. Pc3 de 4. Pe4 Lf5 5. Pg3 Lg6 6. h4 h6 7. Pf3 Pd7 8. h5 Lh7 9. Ld3 Ld3 10. Dd3 e6 11. Lf4 Pgf6 12. 0-0-0 Le7 13. Pe4 Da5 14. Kb1 0-0 15. Pf6+ Pf6 16. Pe5 Tad8 17. De2 c5 18. Pg6 fg 19. De6+ Kh8 20. hg Pg8 21. Lh6 gh 22. Th6 Ph6 23. De7 Pf7 24. gf Kg7 25. Td3 Td6 26. Tg3+ Tg6 27. De5+ Kf7 28. Df5 Tf6 29. Dd7++ III. Simen Agdestein - Magnus Carlsen, eerste rapidpartij 1. c4 Pf6 2. Pc3 e5 3. Pf3 Pc6 4. e3 Lb4 5. Pd5 Le7 6. a3 Deze 'halve zet', zoals Kortchnoi het zou noemen, is te langzaam en laat zwart het initiatief nemen. 6...e4 7. Pg1 0-0 8. Dc2 Te8 9. Pe2 Pe5 10. Pxf6+ Lxf6 11. Pc3 Ook 11. Dxe4 was mogelijk, maar na 11...d5 12. cxd5 Lg4 zou zwart een zeer gevaarlijke aanval hebben. 11...d5 Zwart moet iets voor zijn initiatief over hebben, een pion, maar die geeft hij graag. 12. cxd5 Lf5 13. Pxe4 Lh4 14. Da4 Dxd5 15. Pc3 Dd8 16. d4 Pd3+ 17. Lxd3 Lxd3 18. Ld2 18...b5 Scherp gezien. Dat wit niet 19. Pxb5 kan spelen wegens 19...Dg5 lag voor de hand, maar interessanter is de variant 19. Db4 Df6 20. g3 Df3 21. Tg1 Lg5, waarna wit geen goede verdediging meer heeft tegen de dreiging 22...Lxe3. Als zwart meteen 18...Df6 had gespeeld, zou wit op het kritieke moment nog de verdediging Dd1 hebben. 19. Db3 Er zit niet anders op, wit moet zijn pion terug geven. 19...Dxd4 20. 0-0-0 Zo komt hij van de regen in de drup. In het midden kon de witte koning niet blijven staan, maar nu is hij ook niet veilig. 20...Dc5 21. g3 Lc4 22. Dc2 Lf6 23. Kb1 a5 24. f3 Tad8 25. Ka1 b4 26. Pe4 ...Txe4 De beslissende klap. Na 27. fxe4 wint zwart met 27...b3 gevolgd door 28...Dxa3+. 27. Dxe4 Ld3 28. Tc1 Dxc1+ 29. Lxc1 Lxe4 30. fxe4 bxa3 31. h4 Wit kan er niet aan ontkomen dat zwart afwikkelt naar een makkelijk gewonnen pionneneindspel. 31...h5 32. Tf1 Le5 33. Tg1 f6 Wit gaf op. Carlsen is zonder twijfel de nummer één, hij vormt een Dream Team met Kasparov, hij gaat het schaken ongetwijfeld de komende jaren beheersen. Nog een prettig weekend. |